Dogen zegt heel mooi in het hoofdstuk ‘De koan van het dagelijkse leven:

Jezelf bestuderen is jezelf vergeten.
Jezelf vergeten is ontwaken door alles wat zich voordoet.

Voor mij is dit een uitnodiging om bij het bestuderen van jezelf zoals we in meditatie doen alles heel dichtbij te laten komen. Geen afstand nemen. Intiem te zijn met alles wat verschijnt.

Vaak houden we de zaken mentaal een beetje op afstand. Vooral als we dingen proberen te begrijpen, proberen te snappen. “Afstand nemen tot een probleem” is bijvoorbeeld een gevleugelde uitspraak. Met dat beetje afstand kunnen we zaken overzien. Een moeilijkheid wordt een object buiten ons wat we kunnen analyseren om tot een beter begrip te komen.

Soms zouden we in meditatie misschien ook tot een begrip willen komen. Ons onderzoek als het ware doortrekken tot een analyse. Je ziet een beeld of gedachte en wilt daar helderheid over krijgen. In de Surangama Sutra wordt dit genoemd: begrip toevoegen aan begrip. Begrip is er namelijk al. Dat is het vertrekpunt. En daar willen we begrip aan toevoegen. En dat is een belemmering.

Dat wordt als volgt uitgelegd: Het uitgangspunt van meditatie is “alles is goed zoals het is”. In dit moment is er volmaaktheid. Er ontbreekt niets. Soms wordt dit ook wel aangeduid als “de mens is van nature verlicht”. En omdat er niets ontbreekt is er ook niets wat nog verkregen of begrepen kan worden. Dit moment is compleet. Als we nu begrip gaan toevoegen door afstand te nemen, na te denken, te begrijpen, dan nemen we in wezen afstand van deze natuurlijke, volmaakte situatie, onze natuurlijke staat van zijn.

Het wordt vergeleken met een ruimte waarin het licht al aanstaat. Je kan gaan morrelen met het lichtknopje maar het wordt alleen maar minder. Als we de helderheid van de ruimte willen zien moeten we daar niets aan toevoegen.

Daarom wordt steeds maar weer gezegd: houd de dingen niet af, houd ze ook niet vast maar laat alles zijn zoals het is. Alle beelden, alle geluiden, gevoelens, gedachten, alles toelaten, alles welkom heten.